lijst van verdronken
dorpen en steden
in Zeeland en West-Brabant
(niet opgesplitst)
|
| Verdronken
dorpen in Zeeland |
Aandijke
(ook Aendike) |
Verdronken
dorp in Zeeuws-Vlaanderen. Aendicke lag op het voormalige eiland
van Zaamslag. |
| Agger |
Verdronken
dorp in het Land van Reimerswaal. Agger ging in 1551 ten onder. |
| Assemansbroek |
Het
dorp Assemansbroek bestond waarschijnlijk al in de dertiende
eeuw. Het lag tegenover Bergen op Zoom op de westelijke oever
van de Schelde. Het verdronk in 1530. |
| Assenburg |
Dorpje
op het voormalige eiland Borssele. Het verdronk tijdens de stormvloeden
van 1530 en 1532. |
| Auwersluis |
Gehucht
in de voormalige heerlijkheid Saeftinghe. |
| Avenkerke
(ook Brielle) |
Een
van de vier verdronken dorpen op het eiland Wulpen. Dit eiland
lag in de Middeleeuwen voor de kust van Zeeuws-Vlaanderen. Ten
noorden van Wulpen lag het eiland Koezand. Ten noordwesten bevond
zich het eiland Schoneveld. Rond 1570 ging Wulpen als eiland
ten onder. De laatste resten waren aan het eind van de zeventiende
eeuw verdwenen. |
Baarzande
(ook Bardesant, Burdasanda of Bersant) |
Baarzande
lag ten noordoosten van het voormalige eiland Cadzand. Verdronk
rond 1500. |
| Bakendorp
(ook Badickedorp) |
Dorp
ten zuiden van Baarland. De stormvloed van november 1530 vernielde
Bakendorp. Na herdijking verdween het door dijkvallen geleidelijk
in de Westerschelde. De enige herinnering aan Bakendorp is de
grafsteen van pastoor Jan Lenaerts die op 28 april 1518 stierf.
Die steen bevindt zich nu in de kerk van Hoedekenskerke. Tot
in de negentiende eeuw was er bij Bakendorp een overzetveer
naar Zeeuws-Vlaanderen. De resten van Bakendorp waren tot 1957
in het landschap terug te vinden. Daarna voltooide een radicale
ruilverkaveling het werk van het water en verdwenen de laatste
resten van Bakendorp. |
| Beoostenblije |
Nederzetting
bij Axel. Bij de verovering van Axel door prins Maurits in 1586
moesten de bewoners van het dorp Beoostenblije een goed heenkomen
zoeken. Ze keerden nooit meer terug. |
| Bommenede |
Bommenede
aan de noordkant van Schouwen-Duiveland wordt in 1153 genoemd
als eigendom van het Cisterciënzerklooster van Ter Duinen
in Vlaanderen. Het dorp overleefde twee overstromingen in 1530
en 1532 en een brand in 1540.
In 1575 belegerde de Spaanse bevelhebber Mondragon Bommenede
en schoot het tot stadje geworden dorp in stukken. Het kwam
die klap nooit meer te boven. De Grevelingen deed in de zeventiende
eeuw de rest. De laatste bewoners vertrokken in 1684. De resten
van Bommenede staken bij eb nog jaren boven water. |
| Borrendamme |
Borrendamme
verschijnt in 1297 voor het eerst in de archieven. Het dorp
lag ten zuiden van Zierikzee. De stormvloeden van 1530 en 1532
zorgden ervoor dat het dorp bijna verlaten raakte. In 1570 en
in 1610 gebruikte men de resten van het dorp om bressen in de
zuidelijke dijk van Schouwen-Duiveland te dichten. De fundamenten
van de kerk bleven tot 1822 zichtbaar. De kerk lag 800 meter
ten westen van het havenhoofd van Zierikzee. |
| Boterzande
|
Verdronken
dorp in Zeeuws-Vlaanderen. In de archieven van de St.-Pietersabdij
te Gent komt dit kustdorp al in 990 voor. In 992 kreeg de abdij
een hoeve met bijbehorende grond geschonken in Boltreshanda.
Het dorp lag ten noorden van Biervliet. Er moet ter plaatse
buitendijks een flink schorrengebied hebben gelegen. Dit voorland
komt in de archieven voor als utdick en huutdijc. Boterzande
verdween op 8 oktober 1375 in de golven van wat nu de Westerschelde
heet. |
Brieskerke
(ook Breiskerke of Brisselkerc) |
Een
dorp in het verdronken Zuidland van Schouwen. Het dorp wordt
in 1276 voor het eerst gemeld. In 1542 werd Brieskerke buitengedijkt
en verdween het dorp voorgoed in de Oosterschelde. |
| Broecke |
Het
dorp Broecke lag in het oostelijk deel van het Verdronken Land
van Reimerswaal. Het verdronk in 1530-1532. |
| Campen |
Het
dorp Campen op Noord-Beveland bestond al in 976. Het verdronk
tijdens de stormvloed van 1530. Na de herdijking van Noord-Beveland
ontstond op de plek van Campen het huidige Kamperland. |
| Capelle |
Het
gehucht Capelle bij Zierikzee deelt met Schuring in de Hoekse
Waard de twijfelachtige tot de jongste verdronken dorpen van
de delta te behoren. Tot 1 februari 1953 lag Capelle tussen
Zierikzee en Nieuwerkerk. Het was een stevige buurtschap, een
straat met een rij huizen aan weerskanten en een kruispunt.
De Ramp vaagde Capelle weg en het werd nooit meer opgebouwd.
In de omgeving staan nu alleen nog verspreide boerderijen. |
| Casuele |
Voormalig
dorp in het Land van Saeftinghe. Het dorp lag aan de kreek de
Couveringe, midden in een uitgestrekt veengebied. Voor de bewoners
was dat zoiets als Slochteren nu. Ze groeven de moer uit en
verkochten deze middeleeuwse brandstof. |
Claeskerke
(ook Clauskinderen en Oostkerke) |
Het
dorp lag in het vroegere Zuidland op Schouwen, tussen Westenschouwen
en Coudekerke, het dorp waarvan we nu alleen nog de kerktoren
in de Oosterscheldedijk kunnen zien staan.
Het langdurig met overstromingen bedreigde Claeskerke verdronk
in 1511 in de Oosterschelde. |
| Coudekerk |
Het
dorp Coudekerk lag in het verdwenen Zuidland van Schouwen. Het
is een van de weinige verdronken dorpen die nog zeer zichtbaar
zijn in het Zeeuwse landschap. Van het dorp rest immers nog
de toren. Die staat eenzaam en zonder kerk met het fundament
in de Oosterscheldedijk aan de zuidkust van Schouwen-Duiveland.
In 1475 lag de zeedijk nog drie kilometer van het dorp verwijderd,
maar in 1583 was de Oosterschelde zover opgerukt dat de kerk
moest worden afgebroken. Alleen de toren, ook bekend als de
Plompe Toren, bleef staan, als baken voor de scheepvaart. In
de toren is een vrij toegankelijk bezoekerscentrum over de Zeeuwse
overstromingen ingericht. |
| Coudorpe
|
Het
dorpje Coudorpe op Zuid-Beveland bestond al in 1267. Het raakte
door overstromingen ontvolkt. In 1572 verdwenen de resten van
het dorp als versterking in de Westerscheldedijk van Zuid-Beveland.
De vluchtberg van Coudorpe bestaat, opgeworpen in de twaalfde
eeuw, nog. Die ligt ten zuidwesten van Driewegen. |
| Couveringe |
Dorp
in het Verdronken Land van Reimerswaal. |
Coxyde
(ook Beniardskerke, Bingaerstkerke, Bengerskerke) |
Het
dorp Coxyde bij Oostburg behoorde tot het onroerend goed van
de St.- Baafsabdij te Gent. Het had veel van overstromingen
te lijden. In 1583 liet prins Maurits de omgeving van Sluis
onder water zetten om de opmars van de Spaanse bevelhebber Parma
te stuiten. De dijken bij Coxyde werden doorgestoken. De stroom
schuurde geulen uit en zoog Coxyde weg in het diepe. |
De
Piet
(ook Mude, Muiden) |
De
Piet. Dat is zwemmen en zonnen, want De Piet is nu vooral bekend
als recreatiegebied aan de zuidkant van het Veerse Meer. Keurige
aanplant, nette kreek en strand. Ooit bood het landschap dar
een hel ander panorama. Zevenhonderd jaar geleden lag hier op
het westelijk deel van het voormalige eiland Wolphaartsdijk
het dorp De Piet. De silhouet van het dorp werd bepaald door
het kasteel Muiden. Het dorp ging in 1377 ten onder. De ruïne
van het kasteel stond nog lang als een baken in het Veerse Gat.
|
| Duvenee |
Dorp
in het Verdronken Land van Reimerswaal. Het werd in 1275 voor
het eerst genoemd. Het lag ten westen van de stad Reimerswaal.
Het dorp ging ten onder tijdens de stormvloeden van 1530 en
1532. |
| Dyxhoecke |
Verdronken
dorp op Noord-Beveland. Als parochie behoorde het tot het bisdom
Utrecht. Dyxhoecke bestond al in 1329. Het dorp verdronk in
1530. Overblijfselen van het dorp zijn later nog aangetroffen
in de buurt van Wissenkerke |
Edekinge
(ook Ekingen) |
Verdronken
dorp op Noord-Beveland, ten onder gegaan in 1530
(mogelijk hetzelfde als Oud-Hamerstee) |
| Elmare |
In
1375 verdronken dorp in het grensgebied van het huidige Zeeuws-Vlaanderen
en Belgie. Het dorp lag nogal eenzaam in een uitgestrekt, woest
veengebied ten zuiden IJzendijke. Graaf Diederik van de Elzas
schonk in 1134 en 1135 20 bunder moergrond aan de St.-Pietersabdij
in Gent. Die 20 bunder, 20 hectare, grond lag bij het beekje
de Helmare. Het was potentiele brandstof, want er kon turf uitgemoerd
worden. De monniken bouwden er een kapel ter ere van de H. Maagd,
een kerk gewijd aan St.-Nicolaas en ook een molen. Er was een
klooster met monniken die verbonden waren met de moederabdij
in Gent. Zij bestuurden het dorp. De bewoners waren horigen,
zeg maar eigendom van de monniken. Onder hun leiding brachten
ze de omringende woeste grond in cultuur. Elmare werd door een
weg verbonden met het nabijgelegen, eveneens verdronken Oostmanskerke.Elmare
is vooral bekend geworden door een beroemd sprookje. Het dorp
wordt herhaaldelijk genoemd in het dierenepos Van den Vos Reinaerde. |
| Emelisse |
Verdronken
dorp op Noord-Beveland. Het dorp werd voor het eerst vermeld
in 1216. Er moet flink wat volk gewoond hebben. Uit de stukken
van het bisdom Utrecht blijkt dat er twee pastoors waren. In
Emelisse stonden verder een gasthuis en een nonnenklooster.
Tijdens de stormvloeden van 1530 en 1532 verdween Emelisse. |
| Emersweert |
Everswaard
(ook Eversweerde) |
Verdronken
dorp en parochie ten noorden van Bath. De parochie behoorde
tot het bisdom Utrecht. De kerk had als patroonheilige St-Johannes
de Evangelist. Het dorp verdween tijdens de stormvloed van november
1530 |
| Ganuenta |
Verdronken
Romeinse nederzetting in de Oosterschelde voor de kust van Colijnsplaat. |
Gaternesse
(ook Gathernesse, Gaternisse) |
Dorp
met een uitgestrekt grondgebied ten noorden van IJzendijke.
Het bestond al in 1150. Een van de pastoors van Gaternesse ene
Wouter Everard was een dynamisch ondernemer. En lichtelijk ijdel.
Hij liet in 1357 een polder bedijken en naar zichzelf vernoemen.
De Everardpolder was geen lang leven beschoren. Nog hetzelfde
jaar brak de dijk en liep de verse landaanwinning onder water.
Het dorp Gaternesse ging onder tijdens stormvloeden in de vijftiende
eeuw. In 1660 zagen bewoners van IJzendijke voor het laatst
de fundamenten van Gaternesse. |
| Hannekenswerve |
Verdronken
dorp tussen Sluis en Aardenburg in Zeeuws-Vlaanderen. Een flink
dorp en er woonden keurige kerkse mensen. In 1169 vindt bisschop
Walter van Doornik het prima dat de pastoor van Aardenburg en
de kapelaan van Hannekenswerve onderling afspraken maken over
hun dienstrooster. Tot dan toe werden de bruiloften, doop en
begrafenissen van het dorp door de pastoor van Aardenburg gedaan.
Nu mag de kapelaan, met speciale bevoegdheden, zelf aan de slag.
Voor wat hoort wat. De man moet eenderde van zijn inkomsten
afstaan aan de hoofdkerk in Aardenburg.
Bij opgravingen in 1964 kwamen de resten van de kerk, beschilderde
grafkelders en grafzerken tevoorschijn. In 1421 kwam de streek
rond Hannekenswerve onder water te staan. In 1477 volgde nog
een overstroming en tijdens de Tachtigjarige Oorlog, in 1583,
staken de Sluizenaars de dijken door. Een tekst uit 1666 spreekt
over: "de plaats waar voorheen Hannekenswerve placht te liggen."
Het dorp was door natuur en oorlogsgeweld van de kaart verdwenen.
Ongeveer op de plaats van Hannekenswerve ligt nu Draaibrug. |
| Roeselare |
Het
stadje Roeselare lag bij Aardenburg. Het wordt in 1404 omschreven
als "ten eeuwigen daghen van de zee verloren". |
| 's
Heer Arendshaven |
Verdronken
gehucht en vissershaventje op Schouwen-Duiveland. Het lag in
de buurt van Coudekerk in het nu verdronken, maar destijds door
akkerbouw welvarende Zuidland. |
| Herkesteyn |
Verdronken
en/of verbrande nederzetting met kasteel op Schouwen-Duiveland. |
| Hughersluis
(plusminus 1500) |
Het
stadje Hughersluis ligt verdronken in de huidige Braakman. Het
was een centrum voor turftransporten per schip. |
| Hertinge |
Verdronken
dorp in de Braakman. Hertinghe lag ten zuiden van het Mauritsfort
in Zeeuws-Vlaanderen. Hertinghe telde in 1469 33 woningen. In
1488 verdween het door overstroming van de kaart. |
| Hinkelenoord |
Verdronken
dorp ten noordwesten van Woensdrecht. Het dorp ging onder tijdens
de stormvloed van 1552 |
| Hongersdijk
1 |
Verdronken
dorp op Zuid-Beveland, ten westen van Wilhelminadorp. Het ging
1334 verloren door een overstroming |
| Hongersdijk
2 |
In
1429 ontstond een nieuw Hongersdijk. Ook die nederzetting was
geen lang leven beschoren. Het dorp verdronk in 1551. Een nieuwe
bedijking volgde in 1708. In 1857 werden er op de plek van het
tweede Hongersdijk nog grafzerken en restanten van het dorp
gevonden. De vindplaats lag iets ten noorden van de hoeve Hongersdijk. |
| Hugevliet |
Ooit
geweten dat er ten noordwesten van Biervliet in Zeeuws-Vlaanderen
nog een stad gelegen heeft? Toch is dat zo. Lodewijk van Male,
graaf van Vlaanderen, gaf Hugevliet in de dertiende eeuw stadsrechten.
De nederzetting bestond al in 1174. Hugevliet had een eigen
week- en jaarmarkt. En een eigen haven aan de Westerschelde.
Ondanks die voorrechten kreeg het nooit de kans een echte stad
te worden. In 1375/1376 deed de Westerschelde een eerste aanval
op Hugevliet. Die mislukte. In 1404 was het wel raak. Hugevliet
verdween voor altijd in de golven. |
| Kadzand |
Eiland
en nederzetting in de monding van de Westerschelde. Het was
een van de vele eilanden die in de Middeleeuwen in de monding
van de Westerschelde lagen. Het overstroomde in 1375. Kadzand
werd later aan Zeeuws-Vlaanderen vastgedijkt. De nederzetting
verdween. |
| Kalfsteert |
Buurtschap
bij Perkpolder. In de zestiende eeuw voer er vanuit Kalfsteert
een veer op Waarde. De Nieuhoespolder waar Kalfsteert lag, verdween
in 1591 in de Westerschelde. |
| Kapeldorp |
Verdronken
dorp in het Land van Reimerswaal. Het dorp wordt voor het eerste
genoemd in 1495. Er stond toen een kapel, de Ramskapel, ter
ere van de Heilige Maagd en St.-Quirinus.
Kapeldorp verdween tijdens de vloeden van 1530 en 1532. |
| Klaaskinderkerke
(ook Claeskinderkerke) |
Verdwenen
en verdronken dorp op Schouwen-Duiveland. De oudste vermelding
is van 14 januari 1286. Op die dag betalen Pieter Nobel en zijn
broer een bedrag aan Floris de V in verband met de haven en
het dorp Klaaskinderkerke. De kerk van Klaaskinderkerke was
gewijd aan St.-Nicolaas. De laatste pastoor, in 1549, heette
Michael Bense. De Allerheiligenvloed overspoelde Klaaskinderkerke.
De bewoners die het overleefden, keerden nooit meer terug. In
1959 vonden archeologen het kerkhof van het dorp terug. |
| Koezand |
Eiland
in de monding van de Westerschelde. In het voorjaar van 1344
arriveerde het dijkleger op de schorren van Koezand. Die bedijking
vond plaats in opdracht van vier particuliere investeerders.
Onder hen was een ambtenaar van de stad Brugge. De hoogte van
de dijk was 10 voet, iets meer dan drie meter. De kruinbreedte
kwam op zeven voet, iets meer dan twee meter. De oorkonde waarin
wordt gesproken over de bedijking van Koezand is, voor zo ver
bekend, het eerste geschreven stuk waarin over de afmetingen
van toenmalige zeedijken wordt gesproken. Ook de organisatie
van het polderbestuur werd tot in details geregeld. In de eerste
jaren woonde er achtentwintig pachters op Koezand. Ze hadden
het niet breed. Overstromingen deden al tijdens de eerste jaren
veel land verloren gaan. En ook nadien volgde een harde strijd
om het behoud van het eiland. In 1276 konden de pachters de
kosten van de dijk niet meer opbrengen. De pachtprijs werd gehalveerd.
Een zeearm die Hedensee heette, scheidde de eilanden Koezand
en Wulpen van elkaar. Nadat het eiland overstroomt raakte is
het aan het eiland Wulpen vastgedijkt. Het verdween tijdens
de Allerheiligenvloed van 1570 in de golven. |
| Koudekerke |
Verdronken
dorp in de Braakman |
| Kouwerve |
Dorp
ten oosten van Yerseke in het Verdronken Land van Reimerswaal.
De naam werve duidt op een kunstmatig opgeworpen hoogte. Die
heeft het dorp niet kunnen redden. Kouwerve ging ten onder tijdens
de stormvloeden van 1530 en 1532. |
| Kreke |
Dorp
in het Verdronken Land van Reimerswaal. Het lag ten westen van
Bergen op Zoom aan de linkeroever van de Schelde. Kreke ging
ten onder tijdens de stormvloeden van 1530 en 1532. |
| Lodijke |
Dorp
met kasteel in het Verdronken Land van Reimerswaal. Het ging,
door een bestuurlijke blunder, ten onder tijdens de stormvloeden
van 1530 en 1532. Kervinck van Reimerswaal heer van Lodijke
wilde graag een haven bij het dorp. Hij dacht dat een schurende
geul die was ontstaan bij een dijkdoorbraak hem die haven zou
geven. De geul schuurde zowel het kasteel als het dorp weg.
Ter plaatse heet het water nu het Gat van Lodijke. Duikers vonden
er enkele jaren geleden resten van het kasteel terug. |
| Looketers |
Gehucht
bij het dorp Steelvliet in het Verdronken Land van Reimerswaal.
Looketers ging door de vloeden van 1530 en 1532 verloren. |
Lookshaven
(ook Laoxhaven) |
Verdronken
dorp dat aan de zuidkust van Schouwen lag. Het werd tussen 1500
en 1550 buitengedijkt en verdween in de Oosterschelde. |
| Mare |
Verdronken
dorp ten noordwesten van Rilland. Het lag ongeveer op de plaats
van de huidige Stationsbuurt. Het dorp Mare dateert uit de dertiende
eeuw. Het werd rond 1280 voor het eerst genoemd. Het dorp verdronk
op zaterdag 5 november 1530. |
| Michielsdorp |
| Miehole |
Gehucht
in het Verdronken Land van Reimerswaal |
| Moerkerke |
Verdronken
dorp in de Braakman. Moerkerk was een wegdorp ten zuiden van
Biervliet, een strat met een weerszijden huizen en boerderijen.
Het dorp verdronk in 1488. |
| Moggershil |
In
1570 verdronken nederzetting op een eilandje ten westen van
Tholen. |
| Monster |
Verdwenen
dorp op het voormalige eiland Borssele. De naam Monster is afgeleid
van Monasterium: klooster. Monster verdronk tijdens de stormvloeden
van 1530 en 1532. Ongeveer op de plaats van Monster ligt nu
het dorp Borssele. |
| Namen |
Voormalig
dorp in het Verdronken Land van Saeftinghe. Namen ging in 1715
ten onder. De toren van het dorp bleef nog lange tijd staan
om te dienen als baken voor de scheepvaart. Alleen de torenklok
van het verdronken dorp overleefde uiteindelijk de ondergang.
De klok, in 1664 in Amsterdam gegoten, hangt nu in de toren
van Graauw. |
Niekerke
(ook Nieuw-Moerkerke of Nieuwerkerke) |
Verdronken
dorp in de Braakman. De kerk van Niekerke lag tussen Mauritsfort
en Sluiskil. In 1393 overspoelde een stormvloed het dorp. De
laatste melding van de naam Niekerke dateert uit 1404. |
| Nieuwkapelle |
Verdronken
dorp aan de monding van de Hinkelinge ten zuiden van Kruiningen.
Het dorp lag in de in 1327 bedijkte Middenhinkelingepolder.
Bij overstromingen in de zeventiende eeuw ging het dorp verloren. |
| Nieuwerkerk |
Verdronken
dorp in West-Zeeuws-Vlaanderen. Het lag tussen Oostburg en Groede
aan de Nieuwerkerke kreek. Het dorp bestond al in 1197. Bij
de Allerheiligenvloed in 1770 leed het dorp schade. Opzettelijk
onder water zetten tijdens de Tachtigjarige Oorlog zorgde er
voor dat Nieuwerkerke van de aardbodem werd gespoeld. |
| Nieuwerkerke |
Verdronken
dorp bij Arnemuiden. |
| Nieuwkerke |
Verdwenen
dorp in het Verdronken Land van Reimerswaal. Als parochie werd
het in 1240 vermeld. De kerk ter plaatse was een afsplitsing
van de parochie van Lodijke. Nieuwkerke ging in 1530 ten onder.
De toren bleef nog lang een baken in het overstroomde land. |
| Nieuw-Everinge |
Rond
1500 stichtten de bewoners van het verdronken Oud-Everinge,
op Zuid-Beveland, een nieuw dorp. Dat dorp liep bij de stormvloed
van 1530 onder water en moest worden ontruimd. Rond 1600 verdween
het voorgoed in de Westerschelde |
| Nieuwlande |
Dorp
in het Verdronken Land van Reimerswaal, vijfhonderd meter van
de dijk van het huidige Zuid-Beveland. Het werd in 1242 al als
Terra Nova vermeld. Nieuwlande ging ten onder tijdens de stormvloeden
van 1530 en 1532. De bewoners moeten vrome lieden geweest zijn.
Daardoor werd Nieuwland een lustoord voor schatgravers geweest.
Ze vonden er zeshonderd zogenaamde pelgrimstekens. Vaak nogal
scabreuze ornamenten met fallussymbolen. Deze bedevaartsouvenirs
werden opgekocht door de verzamelaar Van Beuningen. Ze bevinden
zich nu in het museum Boymans-Van Beuningen
Puin en fundamenten van Nieuwlande komen bij eb nog altijd boven
water. Het is verboden gebied. |
| Nummer
Zes |
Buurtschap
bij uitwateringssluis in de buurt van Hoofdplaat. Nummer Zes
verdween in 1808 in de golven van de Westerschelde. |
| Nyenvliet |
Gehucht
op Noord-Beveland. Nyenvliet lag ten noordoosten van Wissenkerke
op Noord-Beveland. Het gehucht ging onder tijdens de stormvloed
van 1530. |
| Offliet |
Verdronken
dorp op Noord-Beveland. Het dorp Offliet komt in de archieven
voor van 1395 tot 1460. Mogelijk is Offliet hetzelfde dorp als
Grutersdijc. Waar Grutersdijc gelegen heeft is niet bekend.
|
| Onze
Lief Vrouw op Zee |
Voormalig
buurtschap bij Renesse. Ging door de oprukkende zee, overstuiving
van de duinen verloren. |
| Oostende |
Verdronken
dorp ten noordoosten van Hoedekenskerke. In de vijftiende eeuw
voerde het dorp een voortdurende strijd tegen de oprukkende
Honte (Westerschelde). In de winter van 1520/1521 werd Oostende
opgegeven en buitengedijkt. |
| Oostkerke |
Verdronken
dorp op het voormalige eiland Borssele. Oostkerke behoorde tot
het bisdom Utrecht. Het dorp ging in 1530 ten onder. |
| Oostkerke |
Ongeveer
op de plek waar nu Wolphaartsdijk ligt, lag in de Middeleeuwen
een dorp dat Oostkerke heette. Het verdronk in 1334. |
| Oostmanskerke
(ook Ozemanskerke) |
Verdronken
dorp ten zuidoosten van Schoondijke in Zeeuws-Vlaanderen. De
kerk van het dorp wordt in 1150 vermeld. In 1391 is er sprake
van sloop van de kerk. |
| Zeeuws-Vlaanderen |
| Orisant |
Eiland
in de Oosterschelde. Ingepolderd in 1602, verdronken in 1639.
Het dorp Orisant lag aan de zuidkant van het eiland op de linkeroever
van de afgedamde kreek de Vijsse. |
| Oud-Arnemuiden
(2 keer) |
Het
dorp Arnemuiden komt in 1223 voor het eerst in geschreven bronnen
voor. Volgens en stuk uit 1288 wilde Floris V het dorp stadsrechten
geven, maar zover is het nooit gekomen. Omdat de stroom de Arne
steeds westelijker kwam te liggen raakte het dorp bedreigd.
Het werd rond 1440 door het water verzwolgen. Ongeveer twintig
jaar bestond er een tweede Arnemuiden. Ook dat verdween in het
water. In 1462 ontstond het derde en definitieve Arnemuiden. |
Oudeman
(ook Waterland) |
Verdronken
dorp in de Oudemanspolder bij voorheen de gemeente IJzendijke.
Verdween rond 1500. |
| Ouderdinge |
Verdronken
dorp in het Land van Reimerswaal. Ouderinge lag ten noordoosten
van Rilland. Het dorp werd voor het eerst genoemd in 1288. De
kerk van Ouderdinge was gewijd aan St Jacobus en aan de Heilige
Maagd. Ouderdinge verdronk in 1530. |
| Oud-Bath |
Lag
enige kilometers oostelijk van het huidige Bath. Het verdronk
in 1552 |
| Oud-Breskens |
In
1510 werd de Groot-Breskenspolder bedijkt. Daar groeide tussen
1515 en 1585 een woonkern rond een kerk die gewijd was aan de
Heilige Barbara. In 1585 verdronk het eerste Breskens door een
inundatie die veroorzaakt werd door de bewoners van het nabij
gelegen Groede. Pas in 1610 kwam het huidige Breskens tot ontwikkeling.
|
| Oud-Domburg |
Nederzetting
die iets westelijk van het huidige Domburg lag. Door landinwaarts
wandelende duinen is Oud-Domburg, ook wel Romeins Domburg genoemd,
onder de duinen gewaaid en deels in zee terechtgekomen. |
| Oud-Everinge |
Verdronken
dorp ten westen van Ellewoutsdijk, in 1288 genoemd in de rekeningen
van het bisdom Utrecht. De juiste ligging is niet bekend. Het
dorp verdween tussen 1450 en 1500 in de Westerschelde. |
| Oud-Geersdijk |
Dit
dorp op Noord-Beveland was in 1216 een zelfstandige parochie.
Het dorp verdween tijdens de vloeden van 1530 en 1532 in de
golven. In de buurt van het verdronken dorp groeide na de inpoldering
van Noord-Beveland in 1598 een nieuw Geersdijk. |
| Oud-Graauw |
In
1170 is het dorp Graauw in Zeeuws-Vlaanderen eigendom van de
abdij van ter Duinen in Vlaanderen. Het dorp verdwijnt tijdens
overstromingen in de zestiende eeuw. Een nieuw Graauw ontwikkelt
zich na de bedijking van de nieuwe Melopolder in 1682. |
| Oud-Hamerstee
(wapen komt voor in Smallegange) |
Verdronken
dorp op Noord-Beveland. Het lag ten noorden van het huidige
Kats.
De kerk van Oud-Hamerstee werd in 1304 buitengedijkt en verdween
in de Oosterschelde.
Overblijfselen van Oud-Hamerstee kunnen nog op de schorren ten
noorden van Kats worden aangetroffen. |
| Oud-Kats |
Subburchdijk
heette het dorp dat we nu als Kats kennen. In 1530 ging het
dorp ten onder. De kerk van het dorp was verantwoording schuldig
aan de kerk van West-Souburg. Vandaar de naam Subburchdijk.
In 1598 bij de herdijking van Noord-Beveland ontstond iets ten
noorden van het verdronken dorp het huidige Kats.
Bij ruilverkavelingwerk in 1971 kwamen resten van het oude dorp
Subburchdijk tevoorschijn. |
| Oud-Kortgene |
Deze
stad vinden we in 1247 voor het eerst in de archieven. De stormvloeden
van 1530 en 1532 waren teveel voor Oud-Kortgene. Pas in 1684
werd het gebied herdijkt en ontstond het huidige Kortgene. |
| Oud-Krabbendijke |
Hendrik
van Schoten, heer van Breda deed in zijn tijd, de twaalfde eeuw,
al in onroerend goed. Ten noorden van het huidige Krabbendijke
op Zuid-Beveland bezat hij een verlaten schorrengebied. Dat
deed hij in 1187 met een gul gebaar cadeau aan de abdij van
Ter Doest in Brugge. De monniken, nijvere lieden, bedijkten
het schor en stichtten er twee grote boerderijen. Daar groeide
een klein dorp. De St.-Felixvloed van 5 november 1530 bleek
de monniken te machtig. Krabbendijke ging ten onder. In 1595
werd na herdijking en nieuw Krabbendijke gesticht. |
| Oud-Othene |
Dorpje
oostelijk van Terneuzen. Het wordt in 1160 voor het eerst genoemd.
Het dorp is in 1586 ten onder gegaan. |
| Oud-Rilland |
De
abdij van Nijvel moet in 980 al; bezittingen in Rilland hebben
gehad. Tot de dertiende eeuw was Rilland een eiland. Bij Rilland,
aan de over van de Westerschelde stond een tol. Rillans ging
in 1530 ten onder.
In de achttiende eeuw werd het huidige Rilland gesticht. |
| Oud-Schoondijke |
Dit
dorp wordt in 1246 voor het eerst genoemd als Sconendica. Tussen
1585 en 1587 kwam dit oude Schoondijke door oorlogshandelingen
onder water te staan. Het dorp zou gelegen hebben op de plek
van het oude kerkhof bij het huidige Schoondijke. Het nieuwe
Schoondijke werd in 1652 gesticht volgens een strak geometrisch
grondplan. |
| Oud-Stavenisse |
De
parochie Stavenisse wordt al in 1223 genoemd. De kerk was gewijd
aan St.- Maarten. In 1304 werd Stavenisse overstroomd. Na herdijking
verdween het dorp in 1509 opnieuw in de golven. Het duurde tot
1599 eer een nieuwe inpoldering plaatsvond. Pas toen werd het
huidige Stavenisse, geheel projectmatig, gesticht. Dit nieuwe
Stavenisse is een voorstraatdorp. Zoals in soortgelijke dorp
in Zeeland en West-Brabant loopt de Voorstraat er van de kerk
naar de haven. |
| Oud-IJzendijke |
Verdronken
stad in de Braakman. Oud-IJzendijke komt al in 1046 in de archieven
voor. Het kreeg in 1127 stadsrechten. Het eerste IJzendijke
ging in 1404 ten onder. In 1587 liet de Spaanse veldheer Parma
twee kilometer ten zuidwesten van het oude IJzendijke een schans
met vier bolwerken bouwen. Dat werd het begin van het IJzendijke
zoals we dat nu nog kennen. Gesticht door de Spanjaarden dus. |
| Oud-Westenschouwen |
Dit
dorp heette aanvankelijk Paalvoetseinde. Het lag aan een kreek
in een opening van de duinen op Schouwen. Oeverafslag tastte
de beschermende duingordel aan. Oud-Westenschouwen verdween
aan het eind van de vijftiende eeuw onder de zeespiegel. |
| Oud-Westkapelle |
Verdronken
handelsnederzetting die door oeverafslag in zee terechtgekomen
is. In 1696 schreef M. Smallegange dat het oude Westkapelle
al "meerdere eeuwen" in zee ligt en dat men "daar dagelijks
den vis vangende is." Geschiedschrijvers meldden dat het oude
Westkapelle in 1368 en 1377 overstroomde. De kerk van het oude
Westkapelle moest in 1458 worden afgebroken omdat de ze de fundering
naderde. Bij Westkapelle vond men in 1514 en altaar dat zowel
aan de Germaanse god Magusanus als aan de Romeinse god Hercules
gewijd was. |
| Oud-Wissenkerke
(I) |
Als
zelfstandige parochie wordt Wissenkerke op Noord-Beveland al
in 1242 genoemd
Het moet een flinke parochie geweest zijn, want er woonde volk
genoeg om twee pastoors werk te geven. Waar het eerste Wissenkerke
precies heft gelegen is niet bekend. Na overstromingen in1352
is het dorp verplaatst naar de noordhoek van de huidige Geersdijkpolder.
|
| Oud-Wissenkerke
(II) |
Ook
het tweede Wissenkerke ging door het water ten onder. Het overstroomde
tijdens de stormvloed van 1530. De toren van het oude Wissenkerke
bleef nog lange tijd overeind staan. In de volksmond heette
dit restant de Plompe of Kamperlandse toren. De Torenpolder
dankt er zijn naam aan. In 1755 werd de bouwval opgeruimd. In
1774 werd er bij de Torenhoeve een gedenksteen geplaatst die
herinnert aan de toren. |
Pakinge
(ook St.- Laurenskerke) |
Dorp
ten noordwesten van Hoek in Zeeuws-Vlaanderen tussen twee andere
verdronken dorpen: Wevelswale en Vremdijke. Van Pakinge weten
we dat er, behalve huizen of hutten, ook twee schaapskooien
hebben gestaan. Pakinge ging in 1214 ten onder in de golven
van de Braakman. Na die tijd staat Pakinge als pro memorie in
de boeken. |
| Peerboom |
Verdronken dorp
in de Braakman. Peerboom lag ten zuiden van Sluiskil. De eerste
vermelding dateert uit 1250. De Vlaamse abdij van Ter Duinen
had er in 1240 een uithof, en grote boerderij. Aan deze uithof
was ook een hospitaal verbonden. Oorlogsgeweld bezegelde het
lot van het dorp Peerboom. In 1488 voerde Maximiliaan van Oostenrijk
een oorlog in het huidige Zeeuws-Vlaanderen. Peerboom moest
verlaten worden vanwege inundaties. De stormvloed van 1493 bezegelde
het lot van Peerboom. |
| Poppendijke |
Gehucht in het
Verdronken Land van Reimerswaal. |
| Reimerswaal |
Het verdronken
Reimerswaal was destijds de derde stad van Zeeland. Het verdronk
in 1530 en ging in 1634 definitief ten onder.
Klik voor meer informatie op Reimerswaal |
| Remboudsdorpe |
Een van de vier
verdronken dorpen van het vrij dichtbevolkte eiland Wulpen.
Remboudsdorpe ging voor 1345 verloren. |
| Rengerskerke |
Verdwenen en verdronken
dorp in het Zuidland van Schouwen. Bij Rengerskerke stond het
in 1479 gestichte klooster van de Regulieren van Bethlehem,
behorend tot de congregatie van Sion. Niet lang, de Oosterschelde
rukte op. De kanunniken moesten in 1486 al verhuizen. In 1662
was het dorp totaal verdwenen. |
| Risinge |
Gehucht op het
voormalige eiland Borssele. Verdronken tijdens de stormvloeden
van 1530 en 1532. |
| Rodee |
De buurtschap
lag enkele honderden meters westelijk van het havenhoofd van
Zierikzee. De laatste woningen van Rodee werden in 1642 afgebroken.
Kort daarop sloot het water van de Oosterschelde zich boven
dit dorpje. |
| Runckendorp |
Ruschevliet
(ook Rusgefleta, Ruschflite) |
Verdwenen en verdronken
dorp ten zuidwesten van Schoondijke. Rond 1150 stroomde in West-Zeeuws-Vlaanderen
in het gebied tussen Schoondijk en Oostburg het riviertje Rusgefleta.
In die jaren kocht de Gentse abdij van St.-Pieters grond langs
de Rusgefleta. Het ging om landbouwgrond en om moergrond. De
abdij organiseerde er het kerkelijk bestuur in een proosdij.
|
| Saeftinghe |
De stad Saeftinghe
ging lag bij het kasteel van Saeftinghe. Het ging in 1214 al
een keer bij een hoge vloed ten onder. De oudste melding over
Saeftinghe is een oorkonde uit 821 van Lodewijk de Vrome van
Frankrijk. Hij bevestigt met dat stuk zijn bezit. Na een verwoestende
overstroming in 1334 verviel Saeftinghe tot een dorp. Het kasteel
van Saeftinghe werd in het begin van de zestiende eeuw door
de Antwerpenaren verwoest. Rond 1930 zag Gustaaf de Maaijer
(Staf de Sterke) uit Nieuw-Namen de fundamenten van het kasteel
bij eb nog boven water komen. |
Schoneveld
(Sconeveld) |
In de monding
van de Westerschelde lagen in de Middeleeuwen een aantal eilanden.
Een ervan was Schoneveld. In de tijd dat Gwijde van Dampierre
graaf van Vlaanderen was, 1278-1305, moet er een dorpje en zelfs
een buitenplaats hebben gelegen. De stormvloed van 1375 brak
de dijken van Schoneveld. Het raakte overstroomd en komt daarna
niet meer in de bronnen voor. De zandbank die nu op de plaats
van het eiland ligt, heet nog altijd de Schoneveldbank. |
| Schoudee |
Dorp in het westelijk
deel van het Verdronken Land van Reimerswaal. Ondergegaan in
1530-1532. |
| Simonskerke |
Voor 1500 verdronken
dorp aan de zuidkust van Schouwen |
St.-Catharina
(ook St.-Cathelijne) |
Verdronken dorp
bij het huidige Oostburg. Het dorp lag aan de zuidzijde van
het water dat we nu kennen als het Grote Gat. De Gentse St.-
Pietersabdij inde er belastingen. Tijdens de stormvloed van
1375/1376 verdween het dorp onder water. Het herstelde zich
en de kerk werd rond 1400 weer herbouwd. Het dorp verdween in
1583. Het gebied waar het dorp zich ooit bevond, heet nu de
Cathalijnepolder. In 1962 werden bij werkzaamheden resten van
de kerk en van huizen in de grond aangetroffen. |
| St.-Christoffelskapelle |
Kleine nederzetting
in de Yevenpolder in Zeeuws-Vlaanderen. Het lag in de buurt
van Gaternesse. De Yevenpolder verdronk eind zestiende eeuw.
Toen verdween ook St.- Christoffelskapelle. |
| St.-Jacobskerke |
Voor 1500 aan
Oosterschelde prijsgegeven dorp in het gebied Zuidland op Schouwen. |
| St.-Janscapelle |
Het dorp St.-Janscapelle
lag rond 1300 ten westen van Sas van Gent. Uit opgravingen in
1979 bleek dat het een welvarende gemeenschap geweest moest
zijn. Het dorp verdween door en overstroming in 1488. |
| St.-Jooskapel |
Verdronken gehucht
in het land van Reimerswaal. St.-Jooskapel ging in 1530 ten
onder. |
| St.-Katherijnekerke |
Verdronken dorp
en parochie op het voormalige eiland van Borssele. De kerk stond
er al voor 1275. De stormvloeden van 1530 en 1532 betekenden
de ondergang van St.- Katherijnekerke. |
| St.-Kruispolder |
Verdronken parochiedorp
bij Aardenburg. Het ging in 1375/1376 ten onder. |
| St.-Lambert-Wulpen
|
Dorp op het eiland
Wulpen. Het eiland lag voor de kust van Zeeuws-Vlaanderen. Het
eiland Wulpen telde vier dorpen. Het had een eigen hospitaal.
In 1292 werd het aangeduid als: "Sancte Marie in Wlpis." Wulpen
werd voortdurend door stormen en overstromingen bedreigd. In
1516 was St.-Lambert-Wulpen het laatste dorp van het eiland
dat door de zee werd verwoest. |
| St.-Laurenskerke |
Verdronken dorp
in de Braakman |
St.-Nicolaas in
Varne
(Vaerne of Langaardenburg) |
Ooit van dit stadje
gehoord? Nee. Toch is het een oud stadje in het grensgebied
van Zeeuws-Vlaanderen en Belgie. St.-Nicolaas in Varne beschikte
in 1252 zelfs over een eigen schepenbank.
De bewoners van St.-Nicolaas in Varne moeten gedacht hebben
dat ze in het voorportaal van de hel woonden. Hun dorp lag ten
zuidwesten van IJzendijke in Zeeuws-Vlaanderen. Het was een
moerassige, verlaten, woeste streek, het einde van het land,
door velen gezien als het begin van de onderwereld. In Varne
kwam volgens sommigen van Averno, een meer in Italië waar
aldus de overlevering de onderwereld begon. Andere bronnen houden
het er eenvoudig op dat varne is afgeleid van varnte, en oud
woord voor onkruid.
Hoe dan ook, het dorp met de mooie naam verdronk in 1377 en
liet niets achter dan een enkele naamsvermelding in officiële
stukken. |
| St.-Trooye |
Verdronk nederzetting
op Zuid-Beveland. |
| Slepeldamme |
Gehucht op voormalig
havenhoofd van Aardenburg. Er lag en sluis. Ook was er een tolkantoor
voor de scheepvaart van en naar Aardenburg. Via Slepeldamme
werd veel vee en graan aangevoerd uit Holland en Zeeland. In
1280 promoveerde Slepeldamme tot tolkantoor van Damme. Het dorpje
ging door inundaties in 1583 en 1604 voorgoed verloren |
Soetelingkercke
(ook Soelekerke, Zoelenkerke, waarschijnlijk ook Soeke) |
Verdronken dorp
op Noord-Beveland. De kerk dateerde er uit 1206. Het dorp Soetelingkerke
lag in het zuidwesten van het oude Noord-Beveland. Dat verdronk
in 1530 en 1532. Na herdijking werd het gebied van Soetelingkercke
bij Wissenkerke gevoegd. |
| Stampaert |
Dorp in het Verdronken
Land van Saeftinghe |
| Stardijk |
Verdronken nederzetting
in Zeeuws-Vlaanderen, rond 1300. Het gehucht Stardijk lag in
de buurt van Boterzande in de huidige Braakman. |
| Steelant |
Dorp ten zuidwesten
van Terneuzen, richting Sluiskil. Het was in 1199 een parochie.
De kerk behoorde aan het kapittel van St.-Salvator te Utrecht.
Steeland telde in 1469 95 woningen. Het dorp liep in de veertiende
eeuw onder water en verdween in 1488 definitief in de oprukkende
Braakman. |
| Steelvliet |
Dorp in het Verdronken
Land van Reimerswaal. Het ging bij de vloeden van 1530 en 1532
ten onder. |
| Stuivezand |
Verdronken dorp
en parochie ten zuiden van Baarland. Stuivezand werd tussen
1370 en 1375 bedijkt in opdracht van de Hollandse graaf Willem
V. Omdat de geulen van de Westerschelde die toen nog de Honte
heette, meer en meer tegen de Bevelandse wal drukte, kreeg Stuivezand
met veel dijkdoorbraken te maken. In 1525 werd de Dierik, een
stroomgeul tussen Stuivezand en het vasteland van Zuid-Beveland,
afgedamd. De bewoners van Stuivezand konden nu te voet naar
het land van Borssele en Baarland. Dat deden ze ook. En de meesten
kwamen niet meer terug. Zeker niet na de vloeden van 1532, 1552
en 1570. Overstromingen maakten het eiland steeds kleiner. Het
laatste stukje Stuivezand verdween in het begin van de zeventiende
eeuw definitief onder water. |
| Ten Hamer |
Dorp tussen Biervliet
en IJzendijke. De parochie Ten Hamer wordt in 1194 voor het
eerst vermeld. Veel grond in de omgeving van het dorp was eigendom
van graaf Boudewijn IX van Vlaanderen. Die bemoeide zich er
niet echt mee. Hij hield van warmer streken, nam deel aan de
vierde Kruistocht en werd keizer van Constantinopel. Hij werd
op terugreis gevangen genomen door de Bulgaren. Zijn broer Hendrik
volgde hem op. Hij gebruikte de bewoners van Ten Hamer als eigendomsverzekering.
Zo boerden bij Ten Hamer Walter van Monnickenwerve en de gebroeders
Jacob en Boudewijn van IJzendijke. Ze hadden er grond in leen.
Dat schepte wel verplichtingen. De bewoners van Ten Hamer moesten
zijn eigendommen van heer Hendrik bewaken. In geval van nood
waren ze gedwongen om als dorpsmilitie gewapend met hem op te
rukken. Daar stond weinig tegenover. Zo kreeg het dorp geen
eigen rechtspraak in de vorm van een schepenbank. Het simpele
dorp Ten Hamer ging ten onder tijdens de stormvloed van 1375/1376
|
| Ter Hoole |
Gehucht in het
Land van Saeftinghe. Ter Hoole lag in de buurt van het eveneens
verdronken dorp Weele. |
| Ter Piet |
Gehucht of dorp
in Zeeuws-Vlaanderen. Ter Piet lag ten noorden van Biervliet.
Het gebied rond Ter Piet kwam in 1242 in bezit van de St.-Pietersabdij.
De bewoners van Ter Piet waren kleine boeren. Ze specialiseerden
zich in het verbouwen van tarwe en meekrap. Elk jaar moest ze
belasting, grondcijns, afdragen aan de grondeigenaren in Gent.
Een deel van dat geld kwam ten goede aan de plaatselijke pastoor
en diens koster. Uit de archieven blijkt dat het boeren van
Ter Piet niet altijd meezat. Regelmatig konden ze hun grondcijns
niet volledig betalen. De abt van de St.-Pieter stuurde dan
onmiddellijk een bode te paard naar Biervliet. Die bereden deurwaarder
moest er voor zorgen dat het volk van Ter Piet tot de laatste
penning betaalde.
Ter Piet verdween tijdens de stormvloed van 8 oktober 1375 in
de Braakman, toen de Zuudzee genoemd. |
Tewijk
(ook Tevewijc Thevic, Tewic, Tevicambacht) |
Verdronken
dorp op het voormalige eiland Borssele. Het dorp lag ten noorden
van het dorp Monster, het tegenwoordige Borssele. Tewijk wordt
al voor 1275 als parochie genoemd. De kerk was gewijd aan Johannes
de Doper. Overblijfselen van Tewijk zijn teruggevonden op de
grens van Borssele-polder en de Nieuw-Westkraaijertpolder. |
Tolsende
(ook Tolseynde, Totelsende, Tholsende) |
Dorp in het Verdronken
land van Reimerswaal. Het dorp Tolsende ontstond in een twaalfde
eeuwse bedijking ten oosten van Yerseke. Tolsende wordt voor
het eerst genoemd in 1275. Stormvloeden gingen er regelmatig
tekeer. In 1439 is Tolsende als onroerend goed van symbolische
waarde geworden. Het staat te boek als een verloren ambacht.
Na herdijking verdween het dorp definitief tijdens de vloeden
van 1530 en 1532. In 1656 en 1669 zijn kleine stukken van het
verdronken Tolsende herdijkt en bij Kruiningen en Yerseke gevoegd.
De naam leeft nog altijd voort in de Olzendepolder ten zuiden
van Yerseke. |
| Triniteit |
Maria van Artois,
de weduwe van graaf Jan van Namen stichtte op 19 september 1336
het dorp Triniteit ten zuiden van Terneuzen. Ze beloofde aan
Jan van Diest, de bisschop van Utrecht dat driekwart van de
plaatselijke belastingopbrengsten naar de pastoor zouden gaan,
Een kwart was bestemd voor de inrichting en het onderhoud van
een hospitaal. De bisschop vond het prima. Hij wilde de kerk
wel inwijden. Of de adellijke Maria dan maar een bijdrage wilde
leveren aan de bouw van de kerk. Haar zoon Willem had ook een
eis: hij wilde voor hem en zijn opvolgers het erfrecht om pastoors
te mogen benoemen. De bisschop deed er niet moeilijk over.
Op 21 januari 1340 was het zover en wijdde een plaatsvervanger
van de bisschop de kerk in Maria van Namen presenteerde eerste
pastoor: Johannes Boudweijnsz. De nieuwe parochie kreeg nog
een bijzondere attractie: wie de kerk bezocht, in devotie om
het kerkhof liep en de kerk enige aalmoezen schonk kon rekenen
op afkoop van zonden: een aflaat van veertig dagen. Tijdens
de Tachtigjarige Oorlog was Triniteit slagveldzone. Het dorp
verdween9999 in 1584 en 1585 door militaire inundaties onder
water. De kerk stond er toen nog. De katholieken waren er hun
gezag toen al kwijt. Lieven Coenen werd rond 1580 de eerste
dominee van Triniteit |
| Valkenisse |
Valkenisse lag
ten zuidoosten van Waarde. De kerk van Valkenisse werd in 1233
gewijd en behoorde tot het kapittel van Oudmunster te Utrecht.
Valkenisse verdween in 1682 in de Westerschelde. |
| Vinkenisse |
Voormalig dorp
op Zuid-Beveland. In Vinkenisse stond een kapel die gewijd was
aan St.- Cornelis.Vinkenisse door de vloed van 1 november 1530
verzwolgen. Vinkenisse ligt in de Westerschelde ten zuiden van
de Zimmermanpolder bij Waarde. |
| Vinninge |
Verdronken dorp
ten zuiden van Biezelinge in de Westerschelde. Vinninge lag
op het voormalige eiland Baarland. De kerk van Vinninge was
gewijd aan de Heilige Maria. Vinkenisse was destijds tot in
Rome bekend, want het wordt in 1216 genoemd in een pauselijke
oorkonde. Vinninge is waarschijnlijk door de vloed van 1530
ten onder gegaan. |
| Vliete (ook Nyenvliet) |
Het dorpje Vliete
was bekend als vissersplaats. Vliete lag ten westen van Wijtvliet
op Noord-Beveland. Er stond een St.-Catherinakapel. Volgens
Reygersbergh heeft er ook een kasteel gestaan. Vliete verdronk
in 1530. |
Vremdijke
(ook Vroondijk, Vremdic, Frondic, Vrandic) |
In 1114 had de
Gentse abdij van St.- Pieter al onroerend goed in Vremdijke.
De kerk van Vremdijke was gewijd aan St.-Basilius.Door stormvloeden
in de veertiende en de vijftiende eeuw verdwenen veel landerijen
in de Braakman. Ook Vremdijke ging in1488 ten onder. Een paar
jaar later werd er, na een herdijking een nieuw Vremdijke gesticht
(1515). In 1579 bekeerde pastoor Michael Struv van Vremdijke
zich tot het protestantse geloof. Dat ging hem niet helemaal
glad af. Bij een onderzoek bleek dat de ex-pastoor niet goed
thuis was in de rituelen van de nieuwe leer. Hij werd op cursus
gestuurd naar het strengcalvinistische Gent. De ouderlingen
van Vremdijke vroegen om een nieuwe predikant. Dat werd Lieven
Koene. Na 1590, toen prins Maurits Zeeuws-Vlaanderen had veroverd,
werd de regio een soort missiegebied. Vremdijke, Terneuzen en
Biervliet kregen samen een predikant. Om van Terneuzen naar
Biervliet te raken moest hij achter om de Braakman reizen, via
Philippine. In 1592 was die predikant Johannes Bollius, een
in Gent getrainde predikant. Hij woonde in Vremdijke. Tijdens
een stormvloed in de nacht van 25 op 26 november 1601 brak de
Braakman opnieuw door de dijken heen. Het dorp Vremdijke overstroomde.
Veel inwoners verdronken. Dominee Bollius overleefde de nachtelijke
catastrofe. Hij vluchtte landinwaarts op zoek naar een droge
plek. Hij kwam in het nog nieuwe Mauritsfort terecht. Hij bouwde
daar al snel een nieuwe kerk en organiseerde er de gemeente
Hoek. |
| Vulendike
(ook Volendike) |
| Waterdunen |
Waterdunen is
een van de meest mysterieuze stadjes uit de Zeeuwse geschiedenis.
Het moet op een eiland in de monding van de Westerschelde gelegen
hebben. Dat eiland lag tussen de eilanden Wulpen en Koezand,
voor de kust van het huidige Zeeuws-Vlaanderen. Uit oude belastingarchieven
blijkt dat Waterdunen van redelijk grote omvang was. Waterdunen
betaalde meer belasting dan IJzendijke en Biervliet. Volgens
de annalen is Waterdunen in 1357 door de zee verzwolgen. Nadien
zou er, na herdijking, op het eiland opnieuw een parochie zijn
gesticht. Dit tweede Waterdunen verdween op het eind van de
vijftiende eeuw in de golven van de Noordzee. |
| Weele |
Verdronken dorp
op Noord-Beveland. Weele lag ten noorden van Wissenkerke. Het
wordt voor het eerst in 1395 vermeld. De kerk van Weele behoorde
tot het kapittel van St.- Pieter in Utrecht. Het dorp ging tijdens
de stormvloed van 1530 ten onder. Het gebied van het vroeger
Weele is na herdijking bij Wissenkerke gevoegd en ligt nu in
de Torenpolder. |
| Welle |
Verdronken dorp
op Noord-Beveland. De kerk van Welle was al in 1162 in bezit
van de abdij van Middelburg. Welle verdronk in 1530. Na de herdijking
van Noord-Beveland in 1598 is het gebied van Welle bij Colijnsplaat
gevoegd. |
| Weldamme |
Na 1600 in Oosterschelde
verzonken dorpje bij Zierikzee. |
| Welland |
Nederzetting en
kasteel bij Noordwelle op Schouwen-Duiveland. Door overstromingen
in 1421 en 1424 vernield en verdwenen. |
| Westende |
Een van de vier
verdronken dorpen op het eiland Wulpen, verdween rond 1570 |
Westkerke (1)
(ook Raaskerke) |
Verdronken dorp
op het voormalige eiland van Borssele. Westkerke ging tijdens
de stormvloed van 1530 ten onder. Het dorp ligt in de Westerschelde
ten zuidwesten van Borssele. |
| Westkerke (2) |
Verdronken dorp
ten westen van Oud-Sabbinge op het toenmalige eiland Wolphaartsdijk.
Dit Westkerke verdronk op 16 november 1377. Het gebied waar
het dorp lag, werd in 1665 opnieuw bedijkt. Het heet sindsdien
de Westerlandpolder. In 1975 zijn restanten van het dorp Westkerke
ontdekt op een plek ten westen van de boerderij Hof Westkerke.
Het ging om sarcofagen, grafzerken, grafstenen en muurwerk van
de vroegere kerk. |
| Westkerke (3) |
Verdronken dorp
in het Zuidland van Schouwen. Dit Westkerke lang ten zuiden
van de Coudekerke, dus zuid van de huidige Plompe Toren die
in de Oosterscheldedijk staat. |
| Wevelswale |
Kustdorp
aan de Westerschelde ten noorden van Hoek in Zeeuws-Vlaanderen.
De St.-Baafsabdij te Gent had een boerderij in Wevelswale. Het
dorp wordt voor het eerst in 1170 genoemd. Het werd beschermd
door de Monniksdijk. Wevelswale lag in de monding van de huidige
Braakman, ongeveer waar nu de Braakmanhaven ligt, westelijk
van de Nieuw-Neuzenpolder(Dow Chemical). Een rijke boer, en
zekere Arnoldus van Evergem mocht rond 1170 belasting innen
in Wevelswale. Dat gebeurde naar gewoonte in natura. Een probleem,
want Arnoldus had problemen met het vervoer van zijn ontvangen
belasting, de tienden, naar zijn ver zuidelijk gelegen hoeve
bij Evergem. Dus ruilde hij het recht op tiendheffing in Wevelswale
met de grootgrond-bezitters van de Gentse St.Baafsabdij. Hij
kreeg er een tiend bij Evergem voor terug.
Een andere boer in Wevelswale was Dirk Cleyland. Hij bezat er
rond 1268 een ridderhofstede. Wevelswale verdronk in 1375/1376
in de Braakman. |
| Willemskerke |
Verdronken dorp
in de Braakman |
| Wiksdorp |
Verdwenen dorp
ten noorden van Braasdorp in de Poel |
| Wolfertsdorp |
Verdronken dorp
op het voormalige eiland Borssele. De eerste vermelding van
Wolfertsdorp dateert uit 1353. Het lag ten zuidoosten van Monster,
het tegenwoordige Borssele. Kort na de stormvloed van 1530 werd
het dorp als "geheel weggeschuert" vermeld. |
| Yersekeroord |
Nederzetting in
het Land van Reimerswaal. Waar de Schelde ter hoogte van Bergen
op Zoom een bocht naar het westen maakte stond het tolhuis van
Yersekeroord. Op oude kaarten wordt het als een stenen burcht
aangegeven. Yersekeroord verdronk tijdens de stormvloeden van
1530 en 1532. |
| Zuidkerke |
Zuidkerke was
het belangrijkste dorp van Zuidland, het gebied aan de zuidkant
van Schouwen dat aan het eind van de Middeleeuwen door de agressieve
Oosterschelde werd weggevreten.
Zuidkerke werd al rond 1250 genoemd. |
Zwartewale
(ook Swartewaal, Swartewiel) |
Gehucht in het
Land van Reimerswaal. Het lag tussen Duvenee en Nieuwkerke Zwartewale
verdronk tijdens de vloeden van 1530 en 1532. |
| Twijfelgevallen |
| Axel |
Overstroomd in
1606 en 1808, maar direct op dezelfde plaats herbouwd. |
| Herkesteyn |
Verdronken en/of
verbrande nederzetting met kasteel op Schouwen-Duiveland. |
| Pelkem |
Niet nader te
lokaliseren parochie bij IJzendijke (Archief St.-Janshospitaal
te Brugge). |
| Scaltheim |
Mysterieuze nederzetting
uit de negende eeuw. Lag voor de kust van Schouwen. In zee verdwenen
door het terugtrekken van de kust. |
| Sypenesse |
Vermoedelijk verdronken
heerlijkheid bij Tholen. Het wapen van Sypenesse komt voor op
de wapenkaart van M. Smallegange in diens Nieuwe Cronyck van
Zeeland(1696) |
| Tubendic |
Vermeld in 1025.
In dat jaar verkreeg de St.-Pietersabdij het gehucht Tubendic
in de buurt van Oostburg. Tubendic is de oudste dijknaam in
West-Zeeuws-Vlaanderen. |
| Verdronken eilanden
in het deltagebied |
| Waterdunen (1130) |
| Wulpen (1570) |
| Koezand (1570) |
| Cadesant (1570) |
| Schoneveld (1375) |
| Stuivezant (1570) |
| Orisant (1639) |
| Geografisch gegroepeerd
zag het beeld van de verdronken dorpen (9) in Brabant en Zuid-Holland
(voormalige Groote of Zuid-Hollandse Waard) er als volgt uit,
van west naar oost: |
| Weede |
In 1421 verdronken
dorp op de zuidoever van de Maas. Meest westelijke dorp in de
Groote Waard. De bewoners van Weede vluchtten naar het nabijgelegen
Cillaarshoek, een stukje dijk ten noorden van Strijen in de
huidige Hoekse Waard. Hun nakomelingen wonen daar nog steeds. |
| Wieldrecht |
In 1421 verdronken
dorp, tussen Weede en Twintig Hoeven, in de Groote Waard. |
| Twintighoeven |
In 1421 verdronken
dorp, tussen Wieldrecht en Dubbelmonde, op de zuidoever van
de Maas, in de Groote Waard |
| Dubbelmonde |
In 1421 verdronken
dorp, tussen Twintig Hoeven en Almonde, op de zuidoever van
de Maas, in de Groote Waard |
| Almonde |
In 1421 verdronken
dorp, tussen Dubbelmonde en Drimmelen, op de zuidoever van de
Maas, in de Groote Waard |
| Drimmelen |
Het oudste Drimmelen
is in 1421 geheel verdronken. Het lag tussen Almonde en Standhazen
op de zuidoever van de Maas in de Grote Waard. Het tweede Drimmelen
ligt verkommerd stil te wezen als "Oud-Drimmelen"; het derde
Drimmelen is de jachthaven. |
| Standhazen |
In 1421 verdronken
ambacht tussen Drimmelen en Geertruidenberg, op de zuidoever
van de Maas, in de Groote Waard. Onduidelijk of er een dorp
was. |
| Broek |
Verdronken dorp
op de zuidwestdijk van de Grote Waard, ongeveer waar nu de Moerdijkbruggen
zijn. |
| Achthoeven |
In 1421 verdronken
dorp op de zuidoever van de Maas, toen de Groote Waard |
| West van de Grote
Waard, oost van de stroomgeul van De Striene (11 dorpen) |
| Strienemonde |
Het verdronken
Strienemonde was een nederzetting in de Striene waar graaf van
Holland tol hief. |
| Oud-Strijen |
Het dorp Oud-Strijen
lag vermoedelijk ergens bij het Zwanegat. Het verdronk in 1288,
en werd deels verplaatst naar het huidige Strijen, deels naar
Oosterhout (Slotbosse Toren of huis van Strijen). |
| Niervaart (nu
Groote Ketel) |
Het dorp Niervaart
lag tussen Klundert en Zevenbergen. Nog altijd is daar een boerderij
die Groote Ketel heet. |
| Overdrage |
Het verdronken
Overdrage lag ergens oost van Klundert. Het is niet hetzelfde
dorp als Niervaart. |
| Zonzeel |
Verdronken dorp
ten zuidoosten van Langeweg. Toen Zonzeel in 1421 verdronk bleef
er een kapel achter op de Markdijk. De naam Zonzeel komt terug
in de Zonzeelsche Polder en in de dagelijkse filemeldingen:
het knooppunt Zonzeel. |
| Nieuwenbosch |
| Verdronken dorp
ten noorden van Oudenbosch |
| Nieuw-Gastel |
Verdronken dorp
waar verder weinig van bekend is. |
| Valkenburg |
Het verdronken
dorp Valkenburg lag ten zuiden van Willemstad (omgeving Helwijk) |
| Koeveringe |
Het dorp Koeveringe
lag zuidwest van Steenbergen, in het gebied dat nu bekend staat
als De Kladde. |
| Polre |
Polre lag ten
zuiden van de huidige brug tussen West-Brabant en Tholen. Polre
heette ook Heer Boudewijns Polder of Nieuw Schakerlo |
| Friezenmoerdijk |
De nederzetting
Friezenmoerdijk lag in het verdronken ambacht van dezelfde naam,
in het gebied van Oud- en Nieuw Vossemeer |
| Oost van de Schelde
(4 of 5 verdronken dorpen) |
| Vijfhuizen |
Vijfhuizen was
een gehucht op de kop van de Bergen op Zoomse Haven |
| Hildernisse |
Westelijk van
Bergen op Zoom, bij de watertoren, ligt het verdronken Hildernisse. |
| Kloosteroord (locatie
onbekend) |
| Oud-Ossendrecht |
Het verdronken
Oud-Ossendrecht heet nu De Aanwas. |
| Oud Berendrecht |
In het grensgebied
van het huidige Noord-Brabant en Belgie ligt het verdronken
Berendrecht. Het dorp werd later verplaatst naar het huidige
Berendrecht in Belgie. |
| Verdronken dorpen
in de Grote of Zuid-Hollandse Waard |
| Noord van de
Maas (16 dorpen) |
| Alloysen |
| Almstein |
| Almsvoet |
| Annekerke |
| Eemskerk |
| Eemstein |
| De Mijl |
| Gregenmonde |
| Heer Aartswaard |
| Hardeverd |
| Houwningen |
| Kraayenstein |
| Kruiskerke |
| Tiesselingskerke |
| Werken |
| Wolfbrantskerke |
|
Verdronken dorpen in voorheen de
Groote Waard of Zuidhollandsche Waard,
waarvan het bestaan niet bewezen is:
|
| Dordsmonde |
| Ledekerke |
| Merwede |
| Poelwijk |
| Vedronken dorpen
in de Hoekse Waard (1) |
| Schuring |
Met het gehucht
Capelle bij Zierikzee deelt het gehucht Schuring bij Numansdorp
in de Hoekse Waard de twijfelachtige eer om tot de jongste verdronken
dorpen van de delta te behoren. Schuring verdronk tijdens de
watersnood van 1953 en werd niet meer opgebouwd. |